zondag 5 april 2009

Alles gaat voorbij

Mijn moeder is dood
Ze stierf aan mijn zij
Ik streelde haar haren
Terwijl ze weggleed van mij.

Een jaar geleden
’t Lijkt gisteren, maar toch:
De beelden vervagen
Ook al zie ik haar nog.

Maar steeds meer in foto’s
Niet meer als toen
Ik zie nog haar glimlach
Maar zie haar niets doen.

Haar stem, eerst overal,
Tot in ’t geruis van de bomen,
Wordt nu allengs zachter.
Ze fluistert in mijn dromen.

“’t Gaat over, ’t slijt”
Zo troostte ze mij
“Je zult minder aan me denken,
Alles gaat voorbij.”

‘k Hoefde niet te blijven treuren
Ik had mijn moeders zegen.
Maar toen, toen opende ik een deur
En kwam ik haar weer tegen.

De kreukels in haar bloes,
Al die rokken in haar kleur,
Maar het meest van alles
Haar zoete, zachte geur.

Ik snoof haar lucht naar binnen,
Voelde haar weer in mij.
Ik huiverde en wist:
Nee, niet álles gaat voorbij.


Loes Gouweloos, maart 2009