dinsdag 26 augustus 2008

Mijn opa

Kaarsrecht zit mijn opa op zijn stoel.
Gemanicuurde handen, zijden das, driedelig pak,
Zijn dikke witte haardos onberispelijk gekamd,
Naast hem een fonkelend glas cognac.

Zijn rug doet pijn, hij loopt niet meer zo snel,
Want opa is al ver over de tachtig.
Maar hij wil nog alles zien en alles horen.
En zijn ogen twinkelen jongensachtig prachtig.

In mijn poëziealbum schrijft hij een zelfgemaakt gedicht:
'Dat deze regels lang mogen beklijven,'
Met zwierige letters en een lach op zijn gezicht:
'En Opa daarbij in uw herinnering blijven'.

's Avonds kijkt hij naar zijn gloednieuwe tv:
Ziet de Beatles, en de landing op de maan.
Dat hij dat nog allemaal mee mag maken.
En Vietnam, hoe zal dat verder gaan?

Er waren nog geen auto's, nog niet eens een fiets
toen hij geboren werd, in 1888.
En nu lopen er mensen op de maan
Hij staat van niets verbaasd, hij vindt het prachtig.

Zo is hij tot zijn laatste dag gebleven
Trots, kritisch, fel, geïnteresseerd.
Hij haalde alles uit zijn lange leven,
Dat is wat ik van opa heb geleerd.



Loes Gouweloos

Geen opmerkingen: